Ideaal zijn zonne-installaties pal naar het zuiden gericht.
Een zonne-installatie moet zuidelijk gericht zijn, maar hoeft niet exact pal zuid gemonteerd te worden. Ook als zonnepanelen op een dak gemonteerd worden dat tot 40° van het zuiden afwijkt, leidt dat slechts tot geringe verliezen. Tevens kunnen de panelen van 20° tot 60° hellen zonder dat dit een grote invloed heeft op het rendement. Kleine hellingshoeken verhogen de energieopbrengst in de zomer; bij grotere hellingshoeken is het rendement in de winter hoger.